You are currently browsing the category archive for the 'zweden' category.
Het kan niemand natuurlijk nog verbazen als ik zeg dat ik vorig weekend nog eventjes snel een uitstapje gemaakt heb naar de stad der steden, de rustigste en leukste hoofdstad ter wereld – tot nu toe toch – Stockholm. Het was mijn derde keer dit jaar (als je mijn korte stop in februari toen ik op weg was naar de trein richting Jokkmokk meetelt) en ook mijn laatste. Het begint langzamerhand traditie te worden dat ik deze schitterende stad minstens twee keer per jaar aandoe, een keer in het warmere seizoen en een keertje op de overgang tussen herfst en winter.
Het was immers het derde jaar op rij dat ik het laatste weekend van november of het eerste weekend van december in deze omgeving doorbracht. En weerom was ik niet teleurgesteld. Tijdens mijn zomertripje – met de fiets, jawel – had ik een aantal kanten van de stad leren kennen die mij totdantoe onbekend waren. Ze waren dan ook net buiten het centrum gelegen en niet altijd vlot met het openbaar vervoer te bereiken, al bleek dat naderhand wel mee te vallen. We hebben het dan over Hagaparken, toeristisch bekend omwille van zijn uitgestrektheid en zijn vlindertuin, krantmatig ook gekend omwille van de moordenaar die naar dit park genoemd is. Een beetje verder vind je de botanische tuinen en alweer een eiland verder Millesgården.
De eerste twee hebben we – ik mocht genieten van het gezelschap van mijn zus – deze keer links laten liggen en we zijn rechtsreeks op de beeldentuin afgestevend. Rechtstreeks is misschien veel gezegd. We zijn op vrijdagochtend op Bromma geland en tien minuten later (jawel, dat bestaat, ook in een Europese hoofdstad) zaten we in de taxi die ons naar ons hotel zou brengen. Deze keer was onz keuze gevallen op het Rica Hotel in Gamla Stan. Ik heb in mijn tochten naar Stockholm al verschillende hotels aangedaan. Reden hiervoor is het feit dat ik zoveel mogelijk probeer te boeken via destination-stockholm.com . Zij bieden het Stockholm-à-la-Carte arrangement aan, waarbij je naast je hotelkamer (met ingebrip van ontbijt – meestal toch) ook een kaartje krijgt dat gedurende je hele verblijf in Stockholm geldig is en waarmee je – naast toegang tot een 70-tal musea in en om de stad – ook gratis het openbaar vervoer kan gebruiken (T-bana en SL-bussen) waardoor het echt zijn geld waard is. De reden waarom ik telkens in een ander hotel terechtkom, heeft dan weer te maken met het feit dat er altijd een ander hotel als beste koop uit de bus valt. Dat zorgt dan weer voor de nodige afwisseling. Het is ook zo dat de prijs voor een tweepersoonskamer normaal gezien het dubbele is dan die van een éénpersoonskamer, wat het voor de eenzame reiziger (of de eenzame reiziger en zijn zus) weer makkelijker en betaalbaarder maakt om een eigen kamer te nemen.
Dit keer namen we dus onze intrek in het Rica hotel op Lilla Nygatan in Gamla Stan (of beter gezegd: op Gamla Stan, want het is een eiland – of werkt dat zo niet in het Nederlands? Met al die vreemde talen en al dat gereis rond de wereld begin je de basisregels van je moedertaal op den duur te vergeten). Rustiek en zeker gezellig en leuk gelegen vlakbij de metro. Alleen een beetje klein uitgevallen. De kamer van mijn zus had iets van een ingebouwde kast en het toilet moest je telkens opnieuw opvouwen en terug opbergen als je de douche in wou. Eén voordeel: je kon vlot tv-kijken vanop je wc-zitje. Over overmatig gebruik van de minibar moest ze zich ook geen zorgen maken, daar de sleutel al van het eerste moment afbrak en de deur dus niet voor haar openging. Niet dat het nodig was, want er was een systembolaget aan de andere kant van de straat. Maar daar hadden we allemaal geen tijd voor. We waren hier om te city-trippen en dat deden we dan ook.
Het weer was echter zo druilerig dat we besloten onze plannen om Millesgården te bezoeken uit te stellen tot zaterdag in de hoop op beter weer – en ja, de foto’s kunnen het getuigen – dus trokken we maar naar het centrum alwaar we Åhléns en NK bezochten op zoek naar nieuw leesmateriaal – en we vonden het ook – en dan hop, de bus op naar Djurgården. Deze zat ondanks het gure weer volgepropt met ouderen en ouders met kinderwagens. We zochten eerst ons heil in Blå Porten, één van die vaste plekken die we op de agenda hebben staan als het aankomt op het vullen van onze maag. Daarna eventjes binnenwippen in de kunstgalerij die er net naast ligt. Gelukkig moesten we niet betalen, want de tentoonstelling was niet echt onze smaak. Maar je kan het maar weten door er naar te gaan kijken… Dan weer de bus op – al liet die op zich wachten – en op naar de eindhalte. Daar vonden we Waldermars Udde, een kunstmuseum gelegen in het paleis van prins Eugene. Deze kunstenaar binnen de koninklijke familie heeft ooit de privilège gehad om een muurschildering te mogen maken voor het nieuwe stadhuis en is berucht geworden omdat hij daarna een factuur aan de gemeente presenteerde – niet om zijn uren vergoed te zien, maar om een bevestiging te krijgen dat de mensen zijn kunst mooi vonden en hem niet louter gevraagd hadden omwille van zijn afkomst en titel. Naast de vaste tentoonstelling waarbij ook een aantal werken van de voorgenoemde prins te bekijken zijn, waren er ook een aantal tijdelijke tentoonstellingen. De omgeving is sprookjesachtig en de tuin moet zeer mooi zijn in de zomer – iets om voor terug te komen.
De bus terug was iets makkelijker te vinden en eens terug in het hotel was het tijd om wat te rusten. Maar veel tijd was er niet, want om 19u werden we alweer verwacht in het Folkshuset alwaar het Skånes Dansteater een voorstelling zou geven. Het werd een zeer pijnlijke ervaring. Het eerste deel leek een eeuwigheid te duren, ook al waren het in werkelijkheid maar 30 minuten. Saai en traag en vooral niet vernieuwend. Met heimwee dacht ik terug aan de leuke optredens van Wim Vandekeybus en Ultima Vez. Het publiek leek echter vooral uit familie en vrienden te bestaan en er kwam zowaar een halfstaande ovatie. Daarna volgde een pauze waarin het zelfs niet mogelijk was om iets te drinken te bemachtigen louter en alleen omdat er geen drankstandjes voorzien waren. Er was maar één bar en die kon de toevloed van mensen niet aan. Eventjes overviel ons de gedachte om weg te gaan, maar het tweede deel zou ook maar een half uur duren en onze restaurantreservatie was tenslotte maar tegen 20u45 (en ervaring had ons geleerd dat te vroeg komen in Zweden absoluut geen enkele zin heeft), dus besloten we het tweede stuk een kans te geven. En ja, het was stukken beter, maar nog altijd niet je dat. Afin, we vonden makkelijk onze weg naar het T-bana station op Hötorget en namen de metro richting Södermalm. In Slussen eruit en dan een zeer korte wandeling naar één van onze favoriete restaurants annex bars: Akkurat.
We hebben deze afspanning ooit eens bij toeval ontdekt (wel vanuit België) en sindsdien kom ik er bij elk bezoek aan Stockholm minstens 1 keer. Ze hebben mij daar nog nooit ongoocheld. Het is er altijd zeer druk en op voorhand reserveren is noodzakelijk, zeker in de winter als de eetcapaciteit beperkt is en ook als je om 17u gaat. Onze tafel stond ons op te wachten, we waren dan ook prachtig op tijd. Rondom ons stonden een aantal buitenlanders die tevergeefs wachtten op een plekje. Enkele uren later – na wat wijn en wat Belgische speciale bieren en een heerlijke maaltijd – keerden we richting ons hotel en namen we nog een afzakkertje in een Ierse pub 2 straten verder. Morgen zou het vroeg dag zijn – toch voor een vakantiedag.
Zaterdag was het stralend weer. Koud, maar de zon scheen en dus stond alles klaar voor een bezoek aan Millesgården. Daarna was het tijd om nog wat rond te wandelen en ons naar het hotel te begeven om wat te rusten alvorens het evenement van de dag aan te vangen: een optreden van Nanne Grönvall in de Hamburgs Börs. ’s Voormiddags waren we de omgeving al gaan verkennen aan de Jakobsgatan, net naast de Jakobskerk – die we ook van binnen hebben gezien – vlakbij Kungsträgården. We zouden daar ook het avondmaal gebruiken – niet in de prijs begrepen wel te verstaan. Het werd een schitterende avond met vrij goed eten, goeie wijn en een bediening van de oude stempel: correct en betrouwbaar. De tafeltjes stonden nogal dicht op elkaar waardoor onze buurvrouw ons glas champagne op de tafel deed belanden, maar dat werd onmiddellijk rechtgezet en opnieuw gevuld. Nanne was ongelofelijk. Energetisch, charismatisch en vol zelf-ironie, iets wat volgens mijn zus zeer zelden voorkomt in Zweden. Het was lachen geblazen met de teksten en de overtuiging waarmee ze de nummers bracht. Ze nam haar eigen carrière onder de loep met de nodige vaten zout. Het was natuurlijk niet zo makkelijk om alle bindteksten te verstaan – ze gaat tekeer als een orkaan – maar de hoofdlijnen begrepen we.
Na het optreden kocht ik nog haar nieuwste CD die door haar zelf live werd gesigneerd. Jammer genoeg had ik mijn fototoestel niet bij – en ik heb ook geen gsm met ingebouwde camera; met die van mij kan je gewoon telefoneren. Nadien gingen we nog een laatste drankje nuttigen in de Ierse pub, alwaar we kennis maakten met het eenzame leven van een Ijslandse gynecoloog wiens vrouw in Amerika woonde en die geen ander tijdsverdrijf vond dan de avonden in bars door te brengen en zo veel mogelijk te drinken.
Zondagochtend deden we het rustig aan. We ontbeten lang en daarna namen we ruim de tijd om onze valiezen in te pakken. Mijn zus moest naar Bromma en dan naar Brussel, ik zou naar Arlanda gaan en vandaar via Frankfurt en Bangkok naar Kuala Lumpur. Op het middaguur checkten we uit maar lieten onze bagage achter in het hotel om nog een laatste tocht door de stad te maken. Plan was om een museum dat ik nog nooit had bezocht te bezoeken: een privéwoning met de klinkende naam Hallwylska Museet. Ongelooflijk prachtig en volledig intact! Op zolder hebben ze een hele verzameling Vlaamse schilders – de schilderijen bedoel ik wel – en alle kamers zijn volledig ingericht. Het huis is enkel te bezoeken met een gids (met uitzondering van de eerste verdieping en de kelderverdieping) en alhoewel we nooit de behoefte hebben gevoeld om dit huis te bezoeken bleek het zeer populair. In de bezoekersgroep waren meer dan 30 mensen aanwezig – en dit was al de twee rondleiding van de dag. We besloten ons Zweeds te oefenen en aan te sluiten bij de zweedstalige gids, Svante, een jongeman die in traditionele klederdracht ons gedurende een uur wegwijs maakte in de geschiedenis van het huis en van de familie. Verbazingwekkend hoe vlot hij sprak en op dezelfde manier eender welke vraag uit het publiek beantwoordde. Jammer genoeg voor ons articuleerde hij – zoals nogal eens voorkomt bij Zweden – niet duidelijk en sprak hij supersnel zodat een heel deel van de uitleg en de grapjes of lollige anekdotes verloren gingen. Ik vraag me af hoe iemand zo jong zijn tijd kan besteden aan het leren van heel deze geschiedenis. Maar soit, dat is zijn keuze. In elk geval een plek waar ik nog eens naar terug zal gaan, al was het maar om langzamerhand te begrijpen wat alle verhalen zijn (in het Zweeds wel te verstaan).
De uitleg duurde langer dan voorzien, dus restte ons eigenlijk geen tijd meer om te lunchen. Terug naar het hotel en dan naar de metro. Mijn zusje moest iets vroeger het vliegtuig halen dan ik, maar ik moest iets verder (Arlanda ligt 40 km buiten Stockholm – voor zij die niet bekend zijn met deze omgeving). Maar we slaagden er allebei in om tijdig onze respectievelijke vliegtuigen te bereiken en uiteindelijk kwamen we daar waar we moesten zijn. Een leuk weekend was voorbij. Kan niet wachten om terug te gaan. Ook al omdat ik vol ideeën zit voor de volgende Stockholmreis van OKRA. Jammer genoeg is die pas gepland voor de zomer van 2009. En voor het zover is, zal er nog veel water naar de zee vloeien…
Tot de volgende,
Tom
